
De rechtbank Rotterdam heeft Artificial Intelligence (AI) ingezet als ondersteunend hulpmiddel bij het opstellen van een strafvonnis. Het gebruik van AI was specifiek gericht op het schrijven van de strafmotivering, zonder dat AI betrokken was bij rechterlijke beslissingen of het maken van afwegingen.
AI hielp bij het structureren en formuleren van de strafmotivering, een essentieel onderdeel van het vonnis dat de totstandkoming van de straf uiteenzet. Strafrechters en een gerechtsjurist hebben de door AI gegenereerde suggesties grondig beoordeeld en waar nodig aangepast. Het proces volgde de bestaande standaardwerkwijze waarbij rechters de uiteindelijke verantwoordelijkheid behouden.
Bij het experiment stond de vertrouwelijkheid van de strafzaak centraal. Er werd geen privacygevoelige informatie ingevoerd in de AI-systemen. Menselijke controle, transparantie en ethische waarborgen waren gedurende de hele proef leidend. De rechters benadrukken dat AI nooit beslissingen nam of voorbereidde.
Resultaten en toekomstperspectief
De betrokken rechters waren enthousiast over de efficiëntie en duidelijke structuur die AI mogelijk maakte. Desondanks geven zij aan dat openbare AI-tools slechts beperkt geschikt zijn, mede vanwege zorgen over gegevensbescherming. Daarom overwegen zij een afgeschermd, intern AI-systeem dat vertrouwelijke gegevens veilig kan verwerken en meer op maat gemaakte ondersteuning biedt.
Dit experiment markeert een belangrijke stap in het gebruik van technologie in de rechtspraak, waarbij innovatie en juridische waarden hand in hand gaan. De Rechtspraak zet hiermee de deur op een kier voor verdere toepassingen van AI in een ondersteunende rol.